Besluit
Artikel 1 – Gaat akkoord met de gemeentelijke verordening m.b.t. adresbeheer als volgt:
Hoofdstuk I – Juridisch kader
Artikel 1 – Doel
§1. Deze verordening heeft een eenduidige en duidelijke nummering van de adresseerbare objecten tot doel. Dit is van belang voor gebruikers, bewoners en externe partijen zoals dienstverleners, nutsmaatschappijen, veiligheidsdiensten en dergelijke. Deze verordening moet ervoor zorgen dat:
- De toekenning van huis- en busnummers op een gelijkvormige manier verloopt;
- De veiligheidsdiensten bij een interventie snel de locatie van de oproep kunnen terugvinden;
- De inschrijving van natuurlijke personen kan verlopen volgens de richtlijnen over het bijhouden van het bevolkings- en vreemdelingenregister;
- Duidelijke en correcte informatie kan worden gegeven aan het kadaster en andere interne en externe diensten;
- De inning van de belastingen correct kan gebeuren.
§2. Deze verordening stelt vast hoe huis- en busnummers aangevraagd, toegekend, gewijzigd of geschrapt worden, in overeenstemming met de BeSt Address-richtlijnen en aanbevelingen voor het vaststellen en toekennen van een adres en huisnummer (FOD Binnenlandse Zaken) en de bepalingen van het CRAB-decreet en de richtlijnen voor het beheer van het Gebouwen- en Adressenregister (Digitaal Vlaanderen).
§3. Deze verordening bevat ook normen voor het aanbrengen van huisnummers volgens de BeSt Address-richtlijnen en aanbevelingen voor het vaststellen en toekennen van een adres en huisnummer (FOD Binnenlandse Zaken).
Artikel 2 – Wettelijke context
§1. Deze verordening wordt door de gemeenteraad vastgesteld overeenkomstig de artikels 2 §2 en 41 van het Decreet van 22/12/2017 over het lokaal bestuur en dit in uitvoering van de in artikel 5 §1 en §3 van het BeSt Add-samenwerkingsakkoord van 17/07/2019 én artikel 10 van het Decreet van 08/05/2009 betreffende het Centraal Referentieadressenbestand (CRAB-decreet) aan de gemeente toegewezen autonome bevoegdheid om de huisnummering op haar grondgebied te regelen.
§2. Deze verordening is inhoudelijk gebaseerd op:
- het ‘Belgian Streets and Addresses’ (‘BeSt Add’) samenwerkingsakkoord van 17/07/2019 tussen de Federale Staat, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest met betrekking tot de eenmaking van de wijze waarop gerefereerd wordt aan adressen en de koppeling van adresgegevens,
- de BeSt Address-richtlijnen en aanbevelingen voor het vaststellen en toekennen van een adres en huisnummer, zoals gepubliceerd door de FOD Binnenlandse Zaken, Algemene Directie Instellingen en Bevolking, Rijksregister,
- de ‘Gids voor het vaststellen en toekennen van adressen’ (BELGIF, Werk Groep Vaststellen – Toekennen, Versie 1, 18/10/2021).
Artikel 3 – Bevoegdheden
§1. De gemeente Bonheiden is als lokale overheid bevoegd voor de toekenning, wijziging en schrapping van huis- en busnummers van gebouweenheden, percelen en andere adresseerbare objecten op het grondgebied van de gemeente.
§2. De bevoegdheden van de gemeente over de toekenning, wijziging en schrapping van huis- en busnummers worden op basis van artikel 41 van het Decreet van 22/12/2017 over het lokaal bestuur toevertrouwd aan het college van burgemeester en schepenen.
§3. Voormelde bevoegdheden kunnen op basis van artikel 57 van het Decreet van 22/12/2017 over het lokaal bestuur toevertrouwd worden aan de Algemeen Directeur, die deze op zijn/haar beurt kan toevertrouwen aan specifieke personeelsleden.
Artikel 4 – Doelgroep en toepassingsgebied
§1. Dit reglement is van toepassing op alle adresseerbare objecten gelegen op het grondgebied van de gemeente Bonheiden of waarvan de hoofdtoegang zich op het grondgebied Bonheiden bevindt.
§2. Kunnen op basis van dit reglement een schriftelijke aanvraag indienen voor de toekenning, wijziging of schrapping van een of meerdere huisnummers t.a.v. college van burgemeester en schepenen:
- De eigenaar of zijn gevolmachtigde,
- De erfpachthouder, opstalhouder of vruchtgebruiker,
- De projectontwikkelaar in het kader van een nieuw bouwwerk of zijn gevolmachtigde; mits voorlegging van een volmacht verleend door de eigenaar.
§3. Het college van burgemeester en schepenen kan steeds beslissen om de nummering in bepaalde straten te herzien, te verbeteren of aan te vullen wanneer dit noodzakelijk wordt geacht.
§4. Het is verboden de nummers van woningen en gebouwen eigenmachtig te wijzigen, verwijderen of toe te kennen.
§5. Enkel entiteiten waarvan uit de beslisboom (zie publicatie ‘Afbakening gebouweenheden’ van Digitaal Vlaanderen) blijkt dat ze een gebouweenheid zijn, kunnen een huisnummer krijgen. Volgende entiteiten zullen doorgaans geen gebouweenheid zijn:
- Toeristische accommodaties,
- Collectieve verblijfsaccommodaties zoals kloosters, opvangcentra, gevangenissen en studentenverblijfsaccommodaties, verpleeginrichtingen, woonzorgcentra (met uitzondering van serviceflats, die als zelfstandige woonentiteit opgevat zijn).
- Ondergeschikte wooneenheden in het kader van zorgwonen, tijdelijk wonen of hospitawonen (overeenkomstig respectievelijk de voorwaarden van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening).
Artikel 5 – Definities
In dit reglement hebben de onderstaande termen de ernaast vermelde betekenis.
- Adres: Identificatie van een adresseerbaar object met informatie die toelaat om hiernaar op een gestructureerde en unieke manier te verwijzen op basis van de naam van de "gemeente, de "straatnaam" of in sommige gevallen het "adresgebied", het "huisnummer", eventueel aangevuld met een "busnummer", en met een "postcode".
- Adresseerbaar object: Geografisch object dat overeenkomstig het CRAB-decreet en BeSt Address-richtlijnen met een adres kan geïdentificeerd worden. Elke “gebouweenheid”, “ligplaats”, “standplaats” en “perceel”.
- Busnummer: Numerieke code die aan een huisnummer toegevoegd wordt om meerdere adresseerbare objecten, die hetzelfde huisnummer hebben, te onderscheiden.
- Gebouw: Een gesloten en/of overdekt, bovengronds of ondergronds bouwwerk, dat dient of bestemd is, ofwel om mensen, dieren en voorwerpen onder te brengen, ofwel om economische goederen te vervaardigen of diensten te verstrekken. Een gebouw verwijst naar gelijk welke structuur die op blijvende wijze op een terrein opgetrokken of gebouwd wordt.
- Gebouweenheid: De kleinste eenheid binnen een gebouw die geschikt is voor woon-, bedrijfsmatige, of recreatieve doeleinden en die ontsloten wordt via een eigen afsluitbare toegang vanaf de openbare weg, een erf of een gemeenschappelijke ruimte. Een gebouweenheid is in functioneel opzicht zelfstandig.
- Huisnummer: Alfanumerieke code officieel toegekend aan gebouweenheden, ligplaatsen, standplaatsen of percelen, desgevallend aangevuld met een busnummer. Specifiek voor ligplaatsen gaat het om huisnummers officieel toegekend aan vaste ligplaatsen voor woon-, bedrijfsmatige of recreatieve vaartuigen.
- Huisnummerextensie: Alfabetische toevoeging aan een numeriek huisnummer in geval er adresseerbare objecten gevoegd worden tussen twee bestaande adresseerbare objecten met elkaar opvolgende huisnummers.
- Ligplaats: Een door de bevoegde overheid als zodanig aangewezen plaats in het water (al dan niet aangevuld met een op de oever aanwezig terrein of een gedeelte daarvan), die bestemd is voor het permanent of het langdurig ligplaats laten nemen van een vaartuig voor woon-, bedrijfsmatige, of recreatieve doeleinden.
- Perceel: Een deel van het grondgebied officieel vastgesteld met een kadastraal of administratief doel.
- Standplaats: Een door de bevoegde overheid als zodanig aangewezen terrein of gedeelte daarvan dat bestemd is voor het permanent plaatsen van een niet direct en niet duurzaam met de aarde verbonden en voor woon-, bedrijfsmatige, of recreatieve doeleinden geschikte ruimte.
Hoofdstuk II. Principes m.b.t. huisnummers
Artikel 6 – Principes voor de notatie
De notatie van huisnummers moeten voldoen aan volgende principes:
- Huisnummers:
- zijn numeriek, zijn niet negatief en beginnen nooit met nul,
- bevatten zo min mogelijk karakters, geen leestekens (., ?, !, “, ...) of speciale tekens (%, $, , +, -, /, @, #, …).
In afwijking op het eerste lid kan er een alfabetische toevoeging aan een numeriek huisnummer (huisnummerextensie) gebruikt worden als er adresseerbare objecten gevoegd worden tussen twee adresseerbare objecten met elkaar opvolgende huisnummers (bijvoorbeeld, tussen nummers 22 en 24, zou nummer 22A komen).
2. Huisnummerextensies:
- bestaan uit een hoofdletter
- worden toegekend in een logische volgorde (A, B, C, D…) én onmiddellijk na het hoofdnummer gevoegd (geen spaties, vb. 22A, 22B, 22C, ...)
- bevatten geen numeralia (“bis”, “ter”, “quater”, “eerste”, “tweede”, ...), noch letters die als cijfers gelezen kunnen worden (I, J, O, Q en U).
Artikel 7 – Principes in relatie tot openbare wegen, pleinen en gemeentegrenzen
Rekening houdend met de openbare wegen, pleinen, en gemeentegrenzen worden volgende principes toegepast bij het toekennen huisnummers:
- Voor eenzelfde straatnaam binnen een gemeente moet elk huisnummer uniek zijn.
- De nummerreeksen hebben bij voorkeur als beginpunt hetzij een hoofdweg, hetzij het gemeentehuis, hetzij een ander algemeen aanvaard referentiepunt zoals het centrale punt van een dorpskern (bv. een dorpsplein, kerkplein, ...) en de reeksen moeten, logisch oplopend zijn (2-4-6-8 en niet 4-6-2-8).
- Als een openbare weg door meerdere gemeenten loopt en dezelfde naam behoudt, dan wordt er met de aangrenzende gemeenten afgestemd zodat er bij voorkeur doorgenummerd wordt over de grenzen van de gemeenten heen.
- De onpare nummers worden bij voorkeur toegekend aan de linkerkant van de straat vanaf het vertrekpunt, en de pare nummers aan de andere kant, bij voorkeur de rechterkant vanaf het vertrekpunt.
- Wanneer de ene kant van de weg op het grondgebied ligt van een gemeente en de overkant van de weg ligt op het grondgebied van een andere gemeente, dan moet er onderling afgestemd worden zodanig dat:
- vermeden wordt dat de huisnummers aan de ene kant oplopend en aan de andere kant aflopend zijn;
- de huisnummers aan de ene kant paar zijn en langs de andere kant onpaar zijn.
- Voor openbare pleinen wordt vanuit een bepaald punt vertrokken en ernaar teruggekeerd, na de volledige ronde gedaan te hebben, bij voorkeur in tegenwijzerzin.
- De huisnummering van het adresseerbaar object wordt bepaald door de positie van de hoofdtoegang vanaf de openbare weg. Hiervan kan afgeweken worden op basis van een uitdrukkelijke en dragende motivering in functie van de vindbaarheid voor hulpdiensten, postdiensten en bezoekers.
- Als een adresseerbaar object dat een huisnummer moet toegekend krijgen, slechts bereikbaar is via een private weg, worden de huisnummers toegekend daar waar er vanop een openbare weg een toegang is tot deze private weg.
- Wanneer een adresseerbaar object zich nabij een gemeentegrens bevindt, dan gelden volgende regels:
- voor een gebouweenheid wordt het adres toegekend door de gemeente waar de hoofdingang van het gebouw zich bevindt.
- voor een standplaats of ligplaats wordt het adres toegekend door de gemeente waar het geometrisch middelpunt van het adresseerbaar object zich bevindt.
Artikel 8 – Principes voor gebouwen met meerdere gebouweenheden
§1. Voor het toekennen van huis- en busnummers in gebouwen met meerdere gebouweenheden (en eventueel ook meerdere toegangen) wordt uitgegaan van volgende principes:
- In gebouwen met meerdere gebouweenheden, moet aan elk van deze gebouweenheden een busnummer toegekend worden terwijl aan de gemeenschappelijke delen geen busnummer mag worden toegekend.
- Het busnummer bestaat uit maximaal 4 cijfers.
- Het busnummer mag niet negatief zijn, gelijk zijn aan nul of beginnen met nul.
- Het busnummer bevat geen alfabetische tekens of leestekens, noch speciale tekens (%,$, , +, -, /,@, #, …).
- Het busnummer bevat uitsluitend het busnummer. Dit betekent dat noch het huisnummer, noch het woord “bus” deel mag uitmaken van het busnummer.
- Bij een busnummer worden:
- de eerste twee tekens voorbehouden om de verdieping/niveau van de wooneenheid aan te duiden;
- de volgende twee tekens worden gebruikt om de nummering van gebouweenheid aan te geven.
- Men gebruikt hiervoor de volgende werkwijze:
- de woongelegenheden op het gelijkvloers worden genummerd van 1 tot 99.
- de woongelegenheden gelegen op niveau 1 worden genummerd van 101 tot 199.
- De woongelegenheden gelegen op niveau 2 worden genummerd van 201 tot 299.
- Enzoverder per niveau
§2. Wanneer er meerdere gebouweenheden op één verdieping gelegen zijn, worden ze naar de voorgevel toekijkend genummerd in wijzer zin (van links naar achteraan links, naar achteraan rechts, naar vooraan rechts).
§3. De busnummers die al vóór de inwerkingtreding van deze verordening werden toegekend en ingevoerd in registers van openbare instanties mogen worden behouden, behalve als het op welke manier dan ook voor verwarring zorgt, bijvoorbeeld als er meerdere nummeringsmethoden zouden zijn gebruikt voor één huisnummer. In die veronderstelling moet er een hernummering gebeuren volgens de bepalingen van deze verordening.
Hoofdstuk III. Regels over het voorbehouden en aanvragen van huisnummers
Artikel 9 - Het voorbehouden van huisnummers
Daar waar zich tussen bestaande gebouwen onbebouwde percelen bevinden, worden met het oog op de toekomst voldoende nummers voorbehouden voor de gebouwen die nog gebouwd zouden kunnen worden (volgens de geldende of voorlopig vastgestelde stedenbouwkundige voorschriften).
Artikel 10 – De aanvraagprocedure van een huisnummer
§1. Aanvragen voor een of meerdere nieuwe huis-/busnummer(s) en/of wijziging van een of meerdere bestaand(e) huis-/busnummer(s) worden ingediend bij de gemeente waarbij de nodige bewijsstukken gevoegd worden. Deze bewijsstukken (inplantings- en/of grondplannen, foto’s, omschrijving van het gebouw, perceel en dergelijke) stellen de gemeente in staat om te oordelen over het feit of de aanvraag al dan niet handelt over een of meerdere adresseerba(a)r(e) object(en) en in voorkomend geval hun onderlinge functionele relaties en geolocalisatie (ruimtelijke situering, verdiepingen e.d.).
§2. Binnen een redelijke termijn van maximaal 30 dagen wordt een van volgende uitspraken gedaan over de aanvraag:
- Al dan niet gedeeltelijke inwilliging van de aanvraag door middel van toekenning van een of meerdere nieuwe huis-/busnummer(s) en/of wijziging van een of meerdere bestaand(e) huis-/busnummer(s);
- Al dan niet gedeeltelijke afwijzing van de aanvraag omwille van de vaststelling dat het niet gaat om een of meerdere adresseerba(a)r(e) object(en);
- Al dan niet gedeeltelijke afwijzing van de aanvraag, omwille van de vaststelling dat de bijgevoegde bewijsstukken niet toelaten om te oordelen over het feit of de aanvraag al dan niet handelt over een of meerdere adresseerba(a)r(e) object(en), dan wel dat hun onderlinge functionele relaties en geolocalisatie onvoldoende duidelijk zijn om een gepast huis-/busnummering te voorzien.
§3. In het kader van een aanvraag wordt steeds advies ingewonnen bij de dienst bevoegd voor omgevingsvergunningen en de handhaving daarvan. Als daaruit blijkt dat er voor een of meerdere adresseerba(a)r(e) object(en) een voorafgaandelijke omgevingsvergunning vereist is, dan kan dit aanleiding geven tot de uitvoering van handhavende maatregelen. Dit heeft op zich geen impact op de eventuele toekenning van een huisnummer en in voorkomend geval busnummer, noch op de eventuele (voorlopige) inschrijving in het bevolkingsregister.
§4. In geval van de aanvraag van een omgevingsvergunning die aanleiding geeft tot de creatie van een of meerdere adresseerbare objecten, zal dit gelijkgesteld worden met een aanvraag zoals hiervoor onder §1 bedoeld en zal/zullen er in dat kader en de daarbinnen geldende termijnen een of meerdere huisnummer(s) en in voorkomend geval busnummer(s) toegekend worden.
§5. De toekenning wordt gemotiveerd en medegedeeld aan de aanvrager/eigenaar en/of bewoners.
§6. Voorgaande regels zijn van toepassing voor zover er reeds een officiële straatnaam toegekend is.
Hoofdstuk IV. Regels over het toekennen, wijzigen en schrappen van huisnummers
Artikel 11 - Toekennen van huisnummers.
§1. Timing: Een huisnummer wordt ten laatste toegekend:
- wanneer een vergunning is afgeleverd waarin een noodzaak tot adrestoekenning en/of -wijziging voorkomt;
- na positief advies van de gemeente voor die gevallen waarin geen vergunning vereist is;
§2. Gebouweenheden:
- Een gebouweenheid krijgt in de regel slechts één huisnummer. In afwijking op het eerste lid kan er bij een ‘aantoonbaar of groot maatschappelijk belang’[1] één of meerdere extra adressen toegekend worden. Deze afwijking kan enkel toegepast worden op basis van een uitdrukkelijke en dragende motivering.
- In gebouwen met meerdere gebouweenheden krijgt het gemeenschappelijk deel automatisch een huisnummer en wordt aan de andere gebouweenheden dit huisnummer en een busnummer toegekend.
- In gebouwen met meerdere gebouweenheden én meerdere toegangen:
i. Krijgt iedere toegang die leidt naar afzonderlijke gebouweenheden een afzonderlijk huisnummer,
ii. tenzij elk van de toegangen naar alle gebouweenheden kunnen leiden (dan kan men volstaan met één enkel huisnummer).
§3. Onbebouwde percelen en standplaatsen: Het toekennen van huisnummers aan onbebouwde percelen en standplaatsen, met uitzondering van hoekpercelen, is mogelijk als er een goedgekeurde omgevingsvergunning en een officiële straatnaam toegekend is.
§4. Ligplaatsen voor woon-, bedrijfsmatige of recreatieve vaartuigen met een vergunning, toelating of concessie van de bevoegde waterwegbeheerder krijgen een vast huisnummer. Dit huisnummer bestaat uit een alfanumerieke code gevolgd door de letter ‘W’.
§5. Zorgwoningen worden niet op dezelfde manier genummerd als andere woningen. De bewoners van de ondergeschikte wooneenheid worden steeds als een afzonderlijk gezin beschouwd, maar zij worden ingeschreven onder hetzelfde huisnummer als de bewoners van de hoofdwooneenheid. In het rijksregister wordt dit onder een aparte log-code geregistreerd.
§6. Om de authentieke adresbronnen up-to-date te houden, is het absoluut noodzakelijk om niet alleen een nieuw huisnummer dat officieel is toegekend te communiceren, maar ook om nummers te verwijderen. Deze opheffing moet worden uitgevoerd volgens dezelfde procedure als het creëren van huisnummers (zie §1 van dit artikel).
Artikel 12 – Wijziging en schrapping van huisnummers
§1. Het college van burgemeester en schepenen kan ambtshalve huisnummers wijzigen of schrappen om situaties in overeenstemming te brengen met dit reglement of wanneer dit in het kader van het lokale beleid of de openbare veiligheid noodzakelijk is.
§2. Het college van burgemeester en schepenen kan, op aanvraag van burgers zoals bepaald in artikel 10 van deze verordening, overgaan tot de toekenning, schrapping en/of wijziging van één of meerdere huis- en/of busnummers.
§3. De individuele gevolgen hiervan kunnen niet ten laste worden gelegd van de gemeente Bonheiden.
Hoofdstuk V. Regels over de zichtbaarheid en plaatsing
Artikel 13 – Aanbrengen van huisnummers
§1. Niemand mag andere dan de officieel toegekende huisnummers aanbrengen of deze eenzijdig wijzigen of aanvullen.
§2. De eigenaar is verantwoordelijk voor het aanbrengen of laten aanbrengen van het huisnummer, binnen een termijn van 30 dagen na de kennisgeving. Hetzelfde geldt voor het verwijderen en desgevallend vervangen van een huisnummer in geval van een wijziging of schrapping.
§3. Bij nieuwbouw moet het huisnummer uiterlijk een maand na de voltooiing aangebracht worden. Opgave van adreswijziging of publicatie van een ondernemings- of vestigingszetel in het Belgische Staatsblad wordt beschouwd als voltooiing van het betreffende gebouw.
§4. Het huisnummer moet duidelijk zichtbaar vanop de openbare weg aangebracht worden naast de toegangsdeur of andere hoofdingang langs de openbare weg. Wanneer het adresseerbaar object niet langs de openbare weg gelegen is, aan de hoofdtoegang die uitgeeft op de openbare weg.
§5. Bij woon-, bedrijfsmatige of recreatieve vaartuigen moeten de huisnummers duidelijk zichtbaar vanop de openbare weg worden aangebracht langs de kade, maar niet op de boot of de loopplank. Bij al dan niet afgesloten aanlegsteigers dient het toegekende huisnummer aan het toegangshek of -poort voorzien te worden en eveneens individueel ter hoogte van elk vaartuig.
§6. Bij gebouwen met meerdere gebouweenheden moeten de huis- en busnummers aangebracht worden op de toegangsdeur van elke gebouweenheid in het gebouw.
Hoofdstuk VI. Inwerkingtreding
Dit reglement treedt in werking op 01/09/2026.
Artikel 2 – Maakt dit reglement binnen de 10 dagen bekend op de gemeentelijke website, overeenkomstig artikelen 286 en 287 van het Decreet over het lokaal bestuur en brengt de toezichthoudende overheid hiervan dezelfde dag op de hoogte, overeenkomstig artikel 330 van het Decreet over het lokaal bestuur.