Met het uitwerken van ondersteuningsbeleid wil het lokaal bestuur de lokale verenigingen ondersteunen in hun waardevolle werking. Een pijler in dit ondersteuningsbeleid zijn de subsidiereglementen die gekoppeld zijn aan het erkenningsreglement.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd de verschillende sectorspecifieke subsidiereglementen goed te keuren.
In dit besluit wordt het sectorspecifieke subsidiereglement voor de reguliere werking voor (socio-) culturele verenigingen ter goedkeuring voorgelegd.
1. Inleiding
Met de missie en de visie van het lokaal bestuur als basis vormt het ondersteuningsbeleid voor verenigingen naast het aanbieden van een kwalitatief vrijetijdsaanbod en het ter beschikking stellen van gepaste vrije tijdsinfrastructuur een belangrijke pijler van het gemeentelijk vrijetijdsbeleid. Door het ondersteuningsbeleid, geconcretiseerd in erkennings- en subsidiereglementen, wil het lokaal bestuur de waardevolle verenigingswerking ondersteunen door het het aanbieden van rechtlijnigheid en voorspelbaarheid in de aangeboden maatregelen. Gezien deze maatregelen mee evolueren in functie van de eigentijdse ondersteuningsbehoeften en noden is stelselmatige actualisatie een streefdoel. Na de actualisatie van het erkenningsreglement en het subsidiereglement voor evenementen met bovenlokale uitstraling worden nu de actualisaties van de sectorspecifieke subsidiereglementen voor de reguliere werking van (socio-)culturele, sport- en jeugdverenigingen ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.
2. Actualisatie van de sectorspecifieke subsidiereglementen voor de reguliere werking van de verenigingen
Een projectgroep vanuit vrije tijd, bestaande uit het departementshoofd vrije tijd, de directeur van GC 't Blikveld, het diensthoofd sport & jeugd, de stafmedewerker jeugd, de stafmedewerker sport, de stafmedewerker evenementen en de stafmedewerker lokaal cultuurbeleid, werkte de voorontwerpen van de sectorspecifieke subsidiereglementen reguliere werking jeugd-, sport-, cultuur- en socio-culturele verenigingen uit. Daarbij werd rekening gehouden met de vereiste juridische aspecten en voortschrijdend inzicht op basis van ervaringen vanuit de vorige sectorspecifieke subsidiereglementen. De reglementen hebben de intentie om transparantie te bieden en voldoen aan het principe van rechtlijnigheid en voorspelbaarheid doordat de criteria eenduidig geformuleerd en vooraf aftoetsbaar zijn.
De basis van deze reglementering is het erkenningsreglement. Nadien worden de subsidies bepaald op basis van aftoetsing van algemene basisvoorwaarden en per sector specifieke criteria die aftoetsbaar zijn. In tegenstelling tot het vorige ondersteuningsreglement waarbij gewerkt wordt met scores per thema kan een vereniging met het voorliggende reglement zelf mee inschatten op basis van een transparant opgebouwde determinatietabel onder welke categorie (goud, zilver of brons) de werking valt waaraan rechtstreeks een ondersteuningsbedrag is gekoppeld.
3. Sectorspecifieke subsidiereglementen voor de reguliere werking van de (socio-)culturele verenigingen
Voor culturele en sociaal-culturele verenigingen zijn er, indien voldaan aan de basisvoorwaarden, twee bepalende criteria voor bepaling van de basissubsidie: aantal leden en aantal activiteiten.
Bovenop de basissubsidie legt het lokaal bestuur ook beleidsaccenten met bijkomende toelagen. Deze beleidsaccenten focussen op het stimuleren tot participatie van jongeren in het verenigingsleven, het betrekken van leden met een mentale beperking, het ondersteunen van erfgoedwerking als belangrijke pijler van het cultuurbeleid en het stimuleren tot kwalitatieve cultuurwerking door een ondersteuning te voorzien wanneer betalende deskundigheid vereist om de reguliere werking te bestendigen.
Subsidiebedrag en criteria basisondersteuning:
|
|
Brons |
Zilver |
Goud |
|
|
€ 100 |
€ 200 |
€ 400 |
| Aantal leden |
25 |
50 |
100 |
| Aantal activiteiten |
9 |
15 |
30 |
Aanvullende toelagen beleidsaccenten:
| Aantal jeugdleden (jonger dan 18 jaar) |
minder dan 10 |
tussen 10 en 25 |
meer dan 25 |
| € 100 |
€ 150 |
€ 200 |
|
| Erfgoedwerking – aantal activiteiten |
tot 10 |
meer dan 10 |
|
| € 100 |
€ 150 |
|
|
| Betalende expertise |
Maximum € 1.000 |
||
| Inclusieve werking |
vanaf 2 |
|
|
| € 100 |
|
||
Het voorzien van financiële ondersteuning aan het lokale verenigingsleven is een prioritaire doelstelling in de lopende legislatuur.
De voorstellen vallen binnen het financiële kader van de goedkeurde meerjarenplanning 2026-2031 onder ACT 4.2.4302.
Financieel advies:
In kader van de staatssteuntoets wordt besloten dat deze toekenning NIET als staatssteun conform art. 107, lid 1 van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie wordt aangemerkt gezien niet cumulatief aan de 5 voorwaarden wordt voldaan meer bepaald
- de leden van de verenigingen zijn allemaal van Bonheiden of omliggende gemeenten dus een louter lokaal karakter.
Gunstig visum FA 2026/00091 van Financiele dienst van 30 maart 2026
Artikel 1 - Geeft goedkeuring aan het sectorspecifieke subsidiereglement reguliere werking voor (socio-)culturele verenigingen, zoals toegevoegd in bijlage.
Sectorspecifiek subsidiereglement reguliere werking cultuur- en socio-culturele verenigingen 2026-2031
1. Doelstelling
Om een levendig en divers cultureel leven te stimuleren, ondersteunt het lokaal bestuur Bonheiden erkende cultuur- en socio-culturele verenigingen met een werkingssubsidie. Hiermee waardeert het lokaal bestuur hun bijdrage aan cultuurbeleving, gemeenschapsvorming, ontmoeting en sociale cohesie binnen de gemeente. Naast de ondersteuning van de reguliere verenigingswerking streeft het lokaal bestuur in het bijzonder naar het stimuleren tot jeugdwerking, professionalisme, erfgoedzorg en een inclusieve werking.
De subsidie heeft de intentie verenigingen te ondersteunen in het bestendigen, versterken en verder uitbouwen van hun reguliere werking.
Het lokaal bestuur streeft daarbij naar een objectief, eenvoudig en transparant kader dat rechtlijnigheid en voorspelbaarheid biedt voor alle verenigingen.
2. Voorwerp
Dit reglement bepaalt de criteria, categorieën, bedragen en procedures voor de toekenning van werkingssubsidies en aanvullende toelagen aan erkende cultuur- en socio-culturele verenigingen.
3.Definities en begrippen
Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
4. Doelgroep
Dit reglement is van toepassing op erkende cultuur- en socio-culturele verenigingen die actief zijn binnen de gemeente Bonheiden.
5. Voorwaarden
Elke erkende cultuur- of socio-culturele vereniging kan jaarlijks een forfaitaire werkingssubsidie ontvangen, bestaande uit:
Om in aanmerking te komen moet de vereniging:
6. Categorieën, bedragen en criteria
6.1 Basiscategorieën
De werkingssubsidie wordt toegekend op basis van het voldoen aan volgende criteria:
|
|
Brons |
Zilver |
Goud |
|
|
€ 100 |
€ 200 |
€ 400 |
| Aantal leden |
25 |
50 |
100 |
| Aantal activiteiten |
9 |
15 |
30 |
De categorie wordt bepaald op basis van het ledenaantal en het aantal activiteiten op de peildatum 31 augustus van het betrokken werkjaar.
6.2 Beleidsaccenten/ aanvullende toelagen
Naast de forfaitaire werkingssubsidie kunnen erkende (socio-)culturele verenigingen, mits naleving van de voorwaarden van dit reglement, in aanmerking komen voor de volgende aanvullende beleidsondersteunende toelagen.
a) Jeugdwerking
| Aantal jeugdleden | Bedrag |
| minder dan 10 | €100 |
| tussen 10 en 25 | €150 |
| meer dan 25 | €200 |
b) Erfgoedwerking
| Aantal erfgoedactiviteiten | Bedrag |
| tot 10 activiteiten | € 100 |
| meer dan 10 activiteiten | € 150 |
c) Betalende expertise voor niet-betalende voorstellingen
| Betalende expertise voor niet-betalende voorstellingen van culturele verenigingen | Bedrag |
| De inzet van betalende expertise voor betalende voorstellingen komt niet in aanmerking voor terugbetaling | De toelage bedraagt 50% van de bewezen kosten, met maximum van € 25 per aangetoonde repetitie en met een maximale subsidie van € 1000 op jaarbasis |
d) Duurzame inclusieve werking
| Aantal leden waarop inclusieve werking van toepassing is | Bedrag |
| Minimum 2 leden | €100 |
7.Bijzondere bepalingen en beperkingen
De werkingssubsidie toegekend op basis van dit reglement is niet cumuleerbaar met een werkingssubsidie voor reguliere werking toegekend binnen het subsidiereglement voor jeugdverenigingen of het subsidiereglement voor sportverenigingen. Een vereniging kan per werkjaar slechts binnen één sector een werkingssubsidie voor reguliere werking ontvangen. De vereniging dient bij de adviesraad binnen de gekozen sector aangesloten zijn.
Erkende verenigingen kunnen aansluiten bij het raamcontract van het Vlaams Energiebedrijf (VEB) waarbij de gemeente optreedt als contracterende partij. De vereniging blijft volledig verantwoordelijk voor de correcte en tijdige betaling van alle kosten die voortvloeien uit deze aansluiting. Indien de vereniging haar betalingsverplichtingen niet naleeft en na drie (3) opeenvolgende aanmaningen in gebreke blijft, worden de kosten verhaald op het lokaal bestuur. In dat geval kan het lokaal bestuur alle door haar gedragen kosten integraal terugvorderen bij de vereniging. Deze terugvordering gebeurt geheel of gedeeltelijk door inhouding of verrekening met toegekende of toekomstige subsidies.
8. Aanvraag subsidie
De erkende cultuur- of socio-culturele vereniging dient haar subsidieaanvraag in via het digitale formulier van de gemeente zoals vermeld op de gemeentelijke website.
De aanvraag gebeurt uiterlijk op 30 september volgend op het einde van het werkjaar waarop de aanvraag betrekking heeft.
Volgende gegevens worden opgevraagd:
Het dossier wordt door de cultuurdienst nagekeken op volledigheid. Indien het dossier niet als volledig wordt beoordeeld, wordt de vereniging schriftelijk in kennis gesteld en heeft de vereniging 15 kalenderdagen de tijd om het dossier te vervolledigen.
9. Beoordeling en uitbetaling
Het college beoordeelt de aanvraag op ontvankelijkheid en inhoud. Indien nodig kan het college bijkomende informatie opvragen. In dit geval kan afgeweken worden van de vooropgestelde voorziene timing.
De beslissing van het college van burgemeester en schepenen verloopt op basis van een collegebesluit. Indien het bedrag van de werkingssubsidie minder is dan het aangevraagde bedrag, zal de aanvrager in kennis worden gesteld van deze beslissing.
Na de beslissing van het college van burgemeester en schepenen wordt de werkingssubsidie vóór het einde van het kalenderjaar waarin de aanvraag werd ingediend uitbetaald.
10.Bezwaren
Bezwaren tegen beslissingen op basis van dit reglement worden behandeld door het college van burgemeester en schepenen. Bezwaren moeten binnen één maand na kennisgeving van de beslissing worden ingediend via een schriftelijke melding aan het college en een kopie aan de cultuurdienst, waarbij de indiener het ontvangstbewijs of de ontvangstbevestiging van het college moet kunnen voorleggen. De schriftelijke melding mag verlopen via mail naar college@bonheiden.be en blikveld@bonheiden.be.
11. Ingangsdatum
Dit reglement heft Deel III van het “Ondersteuningsreglement verenigingen Vrije Tijd” (2018) op en treedt in werking op 1 september 2026.
12. Overgangsmaatregelen
Subsidieaanvragen voor werkjaar 2025–2026 worden behandeld volgens Deel III van het Ondersteuningsreglement verenigingen Vrije Tijd (2018). Subsidieaanvragen voor erkende cultuur- en socio-culturele verenigingen vanaf werkjaar 2026–2027 worden behandeld volgens dit subsidiereglement.
Artikel 2 - Maakt dit reglement binnen de 10 dagen bekend op de gemeentelijke website, overeenkomstig artikelen 286 en 287 van het Decreet over het lokaal bestuur en brengt de toezichthoudende overheid hiervan dezelfde dag op de hoogte, overeenkomstig artikel 330 van het Decreet over het lokaal bestuur.