Terug
Gepubliceerd op 25/06/2026

Besluit  Gemeenteraad

wo 17/06/2026 - 20:30

Sociaal beleid - Erkenningskader Buitenschoolse Opvang en Activiteiten lokaal bestuur Bonheiden: Goedkeuring

Aanwezig: Daan Versonnen, voorzitter gemeenteraad
Lode Van Looy, burgemeester
Mieke Van den Brande, Bart Vanmarcke, Yves Goovaerts, Pascal Vercammen, schepenen
Guido Vaganée, Geert Teughels, Wim Van der Donckt, Karl Theerens, Marcel Claes, Julie De Clerck, Sofie Crauwels, Dirk Keuleers, Marc Huyghe, Lukas De Backer, Conny Van den Brande, Patricia Frederickx, Cindy Symons, Peggy Aerts, Chantal Jacobs, Jef Jacobs, gemeenteraadsleden
Ethel Van den Wijngaert, algemeen directeur
Verontschuldigd: Lola Vanderweyen, schepen
Jan Fonderie, Edwin Stevens, gemeenteraadsleden

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het lokaal erkenningskader rond Buitenschoolse Opvang en Activiteiten (BOA) goed te keuren.

Voorgeschiedenis
  • 12/09/2023: Goedkeuring van het plan van aanpak rond het BOA-decreet door het college van burgemeester en schepenen
  • 17/06/2025: Goedkeuring externe begeleiding BOA via raamovereenkomst Vlaams Agentschap Facilitair Bedrijf door het college van burgemeester en schepenen.
  • 02/09/2025: Akkoord van het college van burgemeester en schepenen dat het BOA-decreet verder uitgerold wordt tegen 01/09/2026.
  • 03/02/2026: Akkoord van het college van burgemeester en schepenen dat er verschillende acties worden uitgewerkt in het kader van de verdere uitrol van het BOA-decreet.
  • 24/03/2026: Goedkeuring voor de oprichting van een lokaal samenwerkingsverband door het college van burgemeester en schepenen.
Feiten en context

Op 02/09/2025 ging het college van burgemeester en schepenen akkoord met het feit dat het decreet in verband met Buitenschoolse Opvang en Activiteiten uitgerold diende te zijn tegen 01/09/2026. Dit betekent concreet dat de regie voor buitenschoolse opvang en activiteiten door het lokaal bestuur dient opgenomen te worden. Op dat moment dient het lokaal bestuur te voldoen aan volgende vereisten:

  • Een lokaal samenwerkingsverband (LSV) te hebben opgericht.
  • Beschikken over een lokaal erkenningskader waarmee de erkenning, het toezicht en de handhaving van buitenschoolse opvang en activiteiten wordt georganiseerd.
  • Beschikken over een subsidiekader waarin beschreven staat hoe het lokaal bestuur de financiering zal waarmaken.
  • Acties hebben opgenomen in het Meerjarenplan over de twee beleidsprioriteiten (OPG-BOA 1: regierol en OPG-BOA 2: financieren van (erkend) aanbod.

Om de regieopdracht van het erkennen, het toezicht en de handhaving van het BOA-aanbod te kunnen uitvoeren werd er een lokaal erkenningskader rond Buitenschoolse Opvang en Activiteiten opgesteld. Hierbij werd rekening gehouden met de voorwaarden die worden gesteld binnen het BOA-decreet, maar ook met de lokale noden. Het lokaal erkenningskader werd regelmatig intern besproken via de kerngroep en het lokaal samenwerkingsverband en meer specifiek de scholen. Tijdens de samenkomsten met de scholen werd er een advies geformuleerd. Dit is samen met het erkenningskader als bijlage toegevoegd. 

Concreet worden er 3 erkenningscategorieën voorzien (buitenschoolse kinderopvang, ochtend- en avondtoezicht en naschoolse activiteiten). Per erkenningscategorie wordt weergeven aan welke voorwaarden de BOA-initiatieven dienen te voldoen om erkend te worden en hoe de controle en de handhaving zal gebeuren.

Adviezen
Juridische grond
  • Het Decreet over het lokaal bestuur.
  • Het Decreet van 03/05/2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten.
  • Het Decreet van 21/11/2025 tot wijziging van het Decreet van 03/05/2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten.
  • Het besluit van de Vlaamse Regering van 23/01/2026:"Organisatie buitenschoolse opvang en activiteiten (BOA): wijziging diverse regelgeving".
Financiële gevolgen

In de meerjarenplanning wordt jaarlijks een bedrag ingeschreven onder A3.2.2303: Uitrol BOA-decreet (via algemene werkingssubsidie) voor de het toekennen van voormelde subsidies aan BOA-initiatieven. De subsidies worden slechts toegekend binnen de door de toezichthoudende overheid goedgekeurde begrotingskredieten op deze actie. 

Financieel advies:

Adviezen
  • Gunstig mits aanpassing visum FA 2026/00179 van Johan Muyldermans van 28 mei 2026

Publieke stemming
Aanwezig: Daan Versonnen, Lode Van Looy, Mieke Van den Brande, Bart Vanmarcke, Yves Goovaerts, Pascal Vercammen, Guido Vaganée, Geert Teughels, Wim Van der Donckt, Karl Theerens, Marcel Claes, Julie De Clerck, Sofie Crauwels, Dirk Keuleers, Marc Huyghe, Lukas De Backer, Conny Van den Brande, Patricia Frederickx, Cindy Symons, Peggy Aerts, Chantal Jacobs, Jef Jacobs, Ethel Van den Wijngaert
Voorstanders: Daan Versonnen, Lode Van Looy, Mieke Van den Brande, Bart Vanmarcke, Yves Goovaerts, Pascal Vercammen, Guido Vaganée, Geert Teughels, Wim Van der Donckt, Karl Theerens, Marcel Claes, Julie De Clerck, Sofie Crauwels, Dirk Keuleers, Marc Huyghe, Lukas De Backer, Conny Van den Brande, Patricia Frederickx, Cindy Symons, Peggy Aerts, Chantal Jacobs, Jef Jacobs
Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
Besluit

Artikel 1 - Keurt het lokaal erkenningskader Buitenschoolse Opvang en Activiteiten goed met inwerkingtreding vanaf 01/09/2026 als volgt:

Erkenningskader BOA lokaal bestuur Bonheiden

Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen
Artikel 1

1° het Lokaal Bestuur: Het lokaal bestuur Bonheiden
2° Opgroeien: het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid ‘Opgroeien regie’, dat is opgericht bij artikel 3 van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie
3° BOA-decreet: decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten;
4° Buitenschoolse opvang & activiteiten: Het geheel van formeel georganiseerde buitenschoolse opvang en - vrijetijdsactiviteiten voor kinderen; Onder meer de volgende activiteiten worden niet beschouwd als buitenschoolse opvang & activiteiten en vallen bijgevolg niet onder de toepassing van dit decreet: 

    • het verstrekken van onderwijs of het organiseren van middagopvang op school, met uitzondering van het deeltijds kunstonderwijs; 
    • het aanbieden van dagbesteding of begeleiding in internaten of semi-internaten; 
    • het verlenen van jeugdhulp als vermeld in artikel 2, § 1, 30°, van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp;
    • het bieden van exclusieve zorg aan kinderen met een handicap;
    • het bieden van gezondheidszorg aan kinderen;
    • het passen op kinderen van klanten of bezoekers.

5° BOA-organisator: een organisator van buitenschoolse opvang & activiteiten;
6° BOA-initiatief: een specifiek initiatief van buitenschoolse opvang & activiteiten georganiseerd door een BOA-organisator;
7° begeleider: persoon die zorg en speelmogelijkheden biedt voor de brede ontplooiing van het kind in het kader van een BOA-initiatief;
8° stagiair: een begeleider in opleiding die nog niet voldoet aan de voorwaarden om begeleider te zijn maar die wel meewerkt in de begeleiding van kinderen bv: in het kader van een stage.
9° medewerker: iedereen die geen begeleider of stagiair is maar wel meewerkt aan de organisatie van een BOA-initiatief;
10° vrijwilliger: iemand die de rol van begeleider of medewerker vervult onder het statuut van vrijwilligerswerk zoals bepaald in de wet van 3 juli 2005 betreffende de rechten van vrijwilligers;
11° kleuterschool: kleuterschool volgens de definitie van artikel 3 26° van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997

12° lagere school: lagere school volgens de definitie van artikel 3 27° van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997
13° basisschool: basisschool volgens de definitie van artikel 3 6° van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997waar kleuteronderwijs en lager onderwijs georganiseerd wordt;
14° kinderen: kinderen vanaf de leeftijd waarop ze naar de kleuterschool kunnen gaan tot ze naar het secundair onderwijs gaan.
15° kleuters: kinderen vanaf de leeftijd waarop ze naar de kleuterschool kunnen gaan tot ze naar de lagere school gaan.
16° lagere schoolkinderen: kinderen vanaf ze naar de lagere school gaan tot ze naar het secundair onderwijs gaan
17° gezinnen: de ouders of andere opvoedingsverantwoordelijken van kinderen die deelnemen aan een BOA-initiatief;
18° erkenningscategorie: een categorie bepaald in dit erkenningskader voor een specifiek BOA-initiatief waarvoor een BOA-organisator een erkenning kan aanvragen.
19° ochtend en avondtoezicht: elke vorm van toezicht op school die voor of na de periode van normale aanwezigheid georganiseerd wordt.
20° de periode van normale aanwezigheid: de periode voor – en na de lestijd volgens de definitie van artikel 3 43° van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997.
21° toezichter: medewerker die verantwoordelijk is voor ochtend en avondtoezicht.
22° controle: controle op het naleven van de erkenningsvoorwaarden. Er wordt consequent gesproken over controle en niet over toezicht om verwarring met ochtend- en avondtoezicht te vermijden.
23° BOA-regisseur: Een BOA-regisseur is de persoon aangeduid door het lokaal bestuur die het buitenschools opvang- en activiteitenbeleid coördineert, afstemt en opvolgt in samenwerking met lokale partners. Hij of zij bewaakt de kwaliteit, samenhang en doelgerichtheid van het aanbod vanuit de lokale noden en het BOA-kader. 

Artikel 2

Het lokaal bestuur kent een erkenning toe aan een BOA-organisator, die een BOA-initiatief organiseert georganiseerd binnen de grenzen van de gemeente Bonheiden die voldoet aan volgende voorwaarden:

1° de BOA-organisator realiseert een BOA-initiatief;
2° het BOA-initiatief wordt gerealiseerd overeenkomstig de voorwaarden, vermeld in dit erkenningskader;

3° de BOA-organisator informeert, voor de erkenningsaanvraag, het lokaal bestuur over de intentie om een erkenning aan te vragen. Zo doende het lokaal bestuur kan ondersteunen.

Met georganiseerd binnen de grenzen van de gemeente Bonheiden wordt bedoeld dat de begin – en eindlocatie van het BOA-initiatief zich in Bonheiden moet bevinden.
De erkenning wordt nominatief toegekend aan een BOA-organisator voor het organiseren van een specifiek BOA-initiatief.
De erkenning wordt toegekend op basis van een aanvraag in overeenstemming met de procedure, bepaald in dit erkenningskader.

Artikel 3

Alle huidige & toekomstige bepalingen uit het BOA-decreet zijn automatisch ook van toepassing op dit erkenningskader.

Hoofdstuk 2: Erkenningscategorieën
Artikel 4

Een BOA-organisator kan één of meerdere van haar BOA-initiatieven laten erkennen in volgende erkenningscategorieën:

    • Categorie A: Buitenschoolse kinderopvang
    • Categorie B: Ochtend en avondtoezicht
    • Categorie C: Naschoolse activiteit

Hoofdstuk 3: Erkenningsvoorwaarden
Artikel 5

Algemene voorwaarden:
Om erkend te worden in één van de volgende categorieën moet de BOA-organisator en haar BOA-initiatief aan onderstaande voorwaarden voldoen:

    • Beschikken over een rechtspersoonlijkheid;
    • Voldoen aan alle vereisten van de relevante wetgeving die niet worden vermeld in dit erkenningskader. Het gaat onder andere om de onderstaande, niet-limitatieve, opsomming:
      • Codex inzake Welzijn & Preventie op het werk;
      • GDPR;
      • Alle wetgeving over de brandveiligheid van gebouwen;
      • Alle wetgeving over omgevingsvergunningen;

      • ….

Artikel 6

Categorie A: Buitenschoolse kinderopvang

Om erkend te worden in categorie A moet een BOA-initiatief en de BOA-organisator aan onderstaande voorwaarden voldoen:

Bouwsteen 1: Organisatorisch beleid
Het BOA-initiatief organiseert minimaal 200 dagen opvang per jaar.
Als BOA-organisator heb je de integriteit en het beleidsvoerend vermogen om kwaliteitsvolle en duurzame opvang te realiseren. Dat bereik je concreet door:

      • Een gedragen visie te ontwikkelen over:
        • kinderen in hun vrije tijd, met respect voor de eigenheid van elk kind
        • gezinnen en hoe ze kunnen betrokken worden bij de opvang, zowel structureel als in de dagelijkse contacten met begeleiders
        • de plek van jouw aanbod in het volledige aanbod buitenschoolse opvang en activiteiten in je gemeente of stad en de samenwerking met andere actoren.

Deze visie zet je om in doelen en acties en wordt door alle medewerkers uitgedragen.

      • Je dagelijkse werking gestructureerd vormgeven:
        • Je geeft duidelijk leiding aan je medewerkers en ondersteunt hen. Je laat jezelf ook ondersteunen waar dat nodig is.
        • Je denkt na over hoe je de opvang voortdurend kan verbeteren en staat open voor vernieuwing. Je houdt rekening met feedback van je gezinnen, kinderen en medewerkers.
        • Je communiceert helder en tijdig met je medewerkers, kinderen en gezinnen.
      • Samen te werken met een breed netwerk. Dit netwerk helpt je om aan de noden van de gezinnen in je opvang tegemoet te komen. We moedigen hierbij sterk aan om deel te nemen aan het lokaal samenwerkingsverband maar het kan ook over andere relevante partners gaan. Enkele voorbeelden:
        • Om kwetsbare gezinnen te bereiken, ga je op zoek naar partners die deze gezinnen in contact kunnen brengen met jouw aanbod.
        • Je stemt geregeld af met de leerkracht en de ouders van een kind met een specifieke ondersteuningsbehoefte over hoe de dag in de opvang is verlopen.

Bouwsteen 2: Toegankelijkheid
Je aanbod is toegankelijk en inclusief:

      • Je zorgt ervoor dat je prijsbeleid helder is voor alle gezinnen. Je hanteert een vorm van sociale tarieven.
      • Je hebt een proactief opnamebeleid. Je denkt na over mogelijke drempels (bijv. financieel) voor gezinnen om van jouw aanbod gebruik te maken en werkt deze weg.
      • Je hebt bijzondere aandacht voor kwetsbare gezinnen en kinderen met een specifieke ondersteuningsbehoefte.
      • Je houdt rekening met de diversiteit aan kinderen en gezinnen en hun noden. Je zorgt ervoor dat iedereen zich welkom voelt, actief kan deelnemen en zich verbonden voelt met de andere kinderen en gezinnen.

Je beschrijft je opvangaanbod en de voorwaarden ervan. Het gaat minstens om het opname en prijsbeleid:

      • Je maakt goede onderlinge afspraken met de gezinnen. Om misverstanden uit te sluiten doe je dit schriftelijk.
      • Je houdt deze info up-to-date en stelt deze beschikbaar (online en/of op papier).
      • De organisatie is flexibel in het aanpassen van de inschrijvingen als daar nood aan is (bijvoorbeeld bij langdurige ziekte, wijzigingen in het gezin,…)

Bouwsteen 3: Pedagogisch beleid

      • De opvang die de BOA-organisator aanbiedt, voldoet aan de volgende voorwaarden met betrekking tot de omgang met kinderen:
        • Er worden rijke en gevarieerde ontplooiingskansen en speelmogelijkheden gecreëerd in een sfeer van vrije tijd;
        • Er wordt rekening gehouden met de eigen voorkeur van de kinderen binnen het geheel van het aanbod;
        • De BOA-organisator ontwikkelt een taalbeleid, waarbij het gebruik van het Nederlands een cruciale plaats krijgt, en zet in op de taalontwikkeling van de kinderen en de verwerving van de Nederlandse taal.
      • De BOA-organisator zorgt ervoor dat de begeleiders kwaliteitsvolle interacties aangaan met de kinderen. Die interacties voldoen aan de volgende voorwaarden:
        • Het welbevinden en de betrokkenheid van de kinderen en de verbondenheid, ook tussen de kinderen onderling, wordt opgevolgd en bevorderd;
          • Welbevinden: kinderen voelen zich goed
          • Betrokkenheid: kinderen zijn geboeid bezig en spreken al hun mogelijkheden aan
          • Verbondenheid: je hebt aandacht voor vriendschappen, groepsprocessen en ondersteuning van interacties tussen kinderen.
        • Er wordt rekening gehouden met het ontwikkelingsniveau, het ritme, de interesses, de wensen en de eigenheid van de kinderen;
        • Er wordt gezorgd voor zo veel mogelijk continuïteit in de begeleiding.
        • Er moet altijd, binnen de grenzen van het redelijke, gestreefd worden naar een maximum van 14 kleuters per begeleider.
        • Er moet altijd, binnen de grenzen van het redelijke, gestreefd worden naar een maximum van 20 lagere schoolkinderen per begeleider.
        • In gemengde groepen moet er altijd, binnen de grenzen van het redelijke, gestreefd worden naar een maximum van 16 kinderen per begeleider.
        • Tijdens piekmomenten kan de voormelde maximale grens overschreden worden. Er moet dan wel, binnen de grenzen van het redelijke, gestreefd worden naar minstens twee begeleiders die dan in de opvanglocatie aanwezig zijn.
      • De BOA-organisator biedt een gezonde omgeving aan die aan de volgende voorwaarden voldoet:
        • Ze is speels en biedt de mogelijkheid om zowel binnen als buiten te spelen en te bewegen;
        • Ze biedt de mogelijkheid om tot rust te komen;
        • Er is een gevarieerd aanbod aan spelmateriaal dat aansluit bij de interesses en belevingswereld van kinderen;
        • Ze is uitdagend en zo veilig als nodig.

Bouwsteen 4: Medewerkersbeleid

      • Je realiseert een duurzaam medewerkersbeleid en zorgt voor goede werkomstandigheden.
        • Goede werkomstandigheden zorgen ervoor dat medewerkers hun job op een kwaliteitsvolle manier kunnen uitvoeren. Denk hier aan veilige werkruimtes, pauzes, vakantieregeling of vervanging bij ziekte.
        • Je houdt rekening met de noden en behoeften van je medewerkers.
      • Je hebt aandacht voor het versterken van ieders competenties en vaardigheden met een uitgewerkt leerbeleid. Je zet in op coaching, reflectie, leren op de werkvloer en samenwerking.
      • Er wordt altijd, binnen de grenzen van het redelijke, gestreefd naar een onderlinge verhouding waarbij minstens 80% van de begeleiders een relevant diploma of relevante ervaring heeft en voldoende kennis van het Nederlands heeft. Er mogen nooit minder dan 50 % van de begeleiders een relevant diploma of relevante ervaring hebben.
      • Alle begeleiders beschikken over een attest van een opleiding levensreddend handelen dat maximaal drie jaar oud is. Nieuwe aangeworven begeleiders behalen dit attest binnen 1 jaar na indiensttreding.
      • Alle verantwoordelijken, begeleiders, vrijwilligers & stagiairs beschikken over een recent (maximaal 3 maanden oud) uittreksel uit het strafregister bij indiensttreding. Het uittreksel is in overeenstemming met Artikel 596.2 (‘minderjarigenmodel’).

Bouwsteen 5: Verbondenheid

      • Er wordt samengewerkt met een breed netwerk aan partners om aan de noden van de gezinnen in de opvang tegemoet te komen. Dit kan zowel over het lokaal samenwerkingsverband, als over andere relevante partners gaan.

Bouwsteen 6: Monitoring & evaluatie

      • De BOA-organisator laat de werking door de kinderen, gezinnen en de medewerkers periodiek evalueren. De resultaten worden aangewend om de werking voortdurend te verbeteren.
      • De BOA-organisator meldt elke schending van de fysieke of psychische integriteit van een kind of van een medewerker die gebeurt in de opvang onmiddellijk aan de BOA-regisseur.
      • De BOA-organisator voorziet in een procedure om mondelinge en schriftelijke klachten te behandelen. Die procedure wordt schriftelijk afgehandeld. De BOA-organisator brengt de gebruikers op de hoogte van de voormelde procedure.

Artikel 7

Categorie B: Ochtend – en avondtoezicht
Om erkend te worden in categorie B moet een BOA-initiatief en de BOA-organisator aan onderstaande voorwaarden voldoen:

Bouwsteen 1: Organisatorisch beleid

    • Het BOA-initiatief organiseert ochtend- en avondtoezicht op elke schooldag waarop kinderen worden geacht aanwezig te zijn.
    • Het BOA-initiatief vindt plaats op een locatie die op het grondgebied van lokaal bestuur Bonheiden ligt.
    • Het ochtendtoezicht eindigt een kwartier voor aanvang van de lessen en start minimaal 1 uur voordien.
    • Het avondtoezicht start vanaf een kwartier na het beëindigen van de lessen en eindigt ten vroegste 2 uur later of vroeger als er geen aanwezige kinderen meer zijn. Op woensdagen eindigt het toezicht ten vroegste 1 uur later (of vroeger als er geen aanwezige kinderen meer zijn).

Bouwsteen 2: Toegankelijkheid

    • Als er wordt gewerkt met remgeld mogen de tarieven niet hoger zijn dan degene die gehanteerd worden in de gemeentelijke buitenschoolse opvang, De Wiebelboom.

Bouwsteen 3: Pedagogisch beleid

    • Er moet altijd minstens één toezichter aanwezig zijn.

Bouwsteen 4: Medewerkersbeleid

    • Alle toezichters beschikken over een recent (maximaal 3 maanden oud) uittreksel uit het strafregister bij indiensttreding. Het uittreksel is in overeenstemming met Artikel 596.2 (‘minderjarigenmodel’).

Bouwsteen 5: Verbondenheid

    • Er wordt samengewerkt met de nodige partners. Dit kan zowel over het lokaal samenwerkingsverband, als over andere relevante partners gaan.

Bouwsteen 6: Monitoring & evaluatie

    • Er is een duidelijk aanspreekpunt voor vragen en/of klachten.

Categorie C: Naschoolse activiteit

Bouwsteen 1: Organisatorisch beleid

    • De BOA-organisator is een kleuter – of lagere school gevestigd op het grondgebied van Bonheiden.
    • De BOA-organisator organiseert één of meerdere naschoolse activiteiten, al dan niet in samenwerking met een externe partner.
    • De BOA-organisator zorgt voor een duidelijke communicatie aan de deelnemende kinderen en hun ouders.
    • De EHBO-voorzieningen op de school moeten toegankelijk zijn voor de aanbieders van de activiteit.
    • De BOA-organisator zorgt dat de begeleiders de evacuatie- en crisisrichtlijnen op school kennen.

Bouwsteen 2: Toegankelijkheid

    • Het aanbod van de BOA-organisator is toegankelijk & inclusief
    • De BOA-organisator hanteert de sociale tarieven die opgelegd worden in het betreffende subsidiereglement.
    • De BOA-organisator probeert de mogelijke drempels voor deelname tot een minimum te beperken.
    • Je beschrijft je opvangaanbod en de voorwaarden ervan. Het gaat minstens om het opname- en prijsbeleid.
    • De BOA-organisator maakt goede onderlinge afspraken met de gezinnen. Om misverstanden uit te sluiten gebeurt dit best schriftelijk.

Bouwsteen 3: Pedagogisch beleid

De naschoolse activiteit die de BOA-organisator aanbiedt, voldoet aan de volgende voorwaarden met betrekking kwaliteit van het aanbod:

    • Het betreft een georganiseerde activiteit en geen vrij spel onder toezicht van een begeleider.
    • Een georganiseerde activiteit is een doelbewust opgezet spel- of vrijetijdsaanbod. Een activiteit is georganiseerd als het aan volgende elementen voldoet:
      • Het initiatief ligt bij de begeleider.
        • De begeleider bedenkt, plant of start de activiteit (niet het kind).
      • Er is een vooraf bepaalde speelaanleiding of structuur. Dit omvat mogelijks:
        • materiaal;
        • een spelvorm;
        • een opdracht,
        • een thema;
        • regels
        • en/of verschillende stappen.
      • Er is een actieve rol van de begeleider tijdens de activiteit. De begeleider:
        • introduceert de activiteit;
        • bewaakt het verloop;
        • stuurt bij waar nodig;
        • sluit eventueel samen af.
      • De activiteit is gericht op een gezamenlijke ervaring voor de kinderen.
        • Kinderen nemen deel aan dezelfde activiteit al kan differentiatie zeker aanwezig zijn.
    • De activiteit stimuleert de ontwikkeling van de kinderen op: lichamelijk, cognitief, sociaal, emotioneel, communicatief, creatief en/of moreel vlak.
    • De activiteit bevordert het welbevinden en de betrokkenheid van de kinderen.

Bouwsteen 4: Medewerkersbeleid

    • De BOA-organisator is verantwoordelijk voor de kwaliteitsvolle inhoud en kwaliteitsvolle begeleiding en voorziet voldoende begeleiding per activiteit. De BOA-organisator mag beroep doen op externe partners maar blijft altijd de eindverantwoordelijkheid houden.
    • De begeleiders kunnen gepast handelen in crisissituaties (vb: brand).
    • Alle verantwoordelijken, begeleiders, vrijwilligers & stagiairs beschikken over een recent uittreksel uit het strafregister. Het uittreksel is in overeenstemming met Artikel 596.2 (‘minderjarigenmodel’).

Bouwsteen 5: Verbondenheid

    • De BOA-organisator probeert samen te werken met lokale verenigingen of andere lokale partners om het aanbod uit te bouwen en toegankelijk te maken. Dit kan in het kader van het lokaal samenwerkingsverband maar dit is niet verplicht.

Bouwsteen 6: Monitoring & evaluatie

    • De BOA-organisator monitort de tevredenheid over het aanbod en gebruikt de resultaten om het aanbod te verbeteren.
    • De BOA-organisator meldt elke schending van de fysieke of psychische integriteit van een kind, medewerker of ouder die gebeurt in de opvang onmiddellijk aan de BOA-regisseur. De BOA-organisator neemt in voorkomend geval zelf al de gepaste maatregelen.
    • De BOA-organisator voorziet in een procedure om mondelinge en schriftelijke klachten te behandelen. Die procedure wordt schriftelijk afgehandeld. De BOA-organisator brengt de gebruikers op de hoogte van de voormelde procedure.

Hoofdstuk 4: Erkenningsprocedure
Artikel 8

Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met het toekennen van de erkenning en van de gemeentelijke subsidies aan het BOA-initiatief.
Er wordt geen aparte erkenningsprocedure voorzien. De procedure tot erkenning is deel van de procedure die leidt tot het verkrijgen van gemeentelijke subsidies. (vb. overheidsopdracht, subsidiereglement, beslissing van het college van burgemeester en schepenen)

Artikel 9

In de procedure vermeld in artikel 6 wordt ook vermeld aan welke voorwaarden het BOA-initiatief moet voldoen voor het effectief krijgen van een erkenning en welke voorwaarden pas gelden na het verkrijgen van gemeentelijke subsidies.

Artikel 10

Het zuiver voldoen aan de erkenningsvoorwaarden in dit erkenningskader geeft onder geen enkel beding rechtstreeks recht op subsidies of andere financiering. Welke aanbieders recht hebben op subsidies wordt op een andere reglementaire manier bepaald (bv: via een gemeenteraadsbeslissing, subsidiereglement, …)

Hoofdstuk 5: Controle op de erkenningsvoorwaarden

De controle op het naleven van de erkenningsvoorwaarden gebeurt verschillend per erkenningscategorie.

Categorie A: Buitenschoolse Kinderopvang

Artikel 11

Het lokaal bestuur volgt de naleving van erkenningsvoorwaarden op voor BOA-initiatieven die erkend zijn. De BOA-regisseur is verantwoordelijk voor de controle.

Artikel 12

De BOA-organisator toont zelf in een jaarlijkse rapportage aan dat het BOA-initiatief voldoet aan de erkenningsvoorwaarden. Het lokaal bestuur kan altijd nog bijkomende documenten opvragen.

Artikel 13

Minimaal één keer per jaar wordt er een evaluatieoverleg georganiseerd tussen het lokaal bestuur en de BOA-organisator.

Artikel 14

Het lokaal bestuur behoudt zich het recht om te allen tijde ter plaatse controle uit te voeren op de naleving van de erkenningsvoorwaarden.

Artikel 15

De concrete modaliteiten & afspraken over de controle en de jaarlijkse rapportage worden bij het verlenen van de erkenning samen met de BOA-organisator in kwestie in een afsprakennota opgenomen.

Artikel 16

Als tijdens de controle tekortkomingen worden vastgesteld wordt er in overleg met de BOA-regisseur een actieplan opgemaakt om de tekortkomingen te verbeteren. Over de uitvoering van dit actieplan wordt gerapporteerd bij de jaarlijkse rapportage tenzij de BOA-regisseur bepaalt dat een snellere opvolging noodzakelijk is.

Categorie B: Ochtend – en avondtoezicht

Artikel 17

Het lokaal bestuur volgt de naleving van erkenningsvoorwaarden op voor BOA-initiatieven die erkend zijn. De BOA-regisseur is verantwoordelijk voor de controle.

Artikel 18

Het lokaal bestuur behoudt zich het recht om te allen tijde ter plaatse controle uit te voeren op de naleving van de erkenningsvoorwaarden.

Artikel 19

De BOA-organisator bezorgt ten laatste eind maart, een kopie van het document van de Vlaamse
overheid waarin vermeld staat hoeveel leerlingen er zijn ingeschreven op 1 februari van dat jaar, aan de financiële dienst van lokaal bestuur Bonheiden.

Categorie C: Naschoolse activiteit

Artikel 20

Het lokaal bestuur volgt de naleving van erkenningsvoorwaarden op voor BOA-initiatieven die erkend zijn. De BOA-regisseur is verantwoordelijk voor de controle.

Artikel 21

Het lokaal bestuur behoudt zich het recht om te allen tijde ter plaatse controle uit te voeren op de naleving van de erkenningsvoorwaarden.

Artikel 22

Als er na klachten of na een controle tekortkomingen worden vastgesteld in het aanbod wordt er een evaluatieoverleg georganiseerd tussen de BOA-regisseur en de BOA-organisator. In overleg met de BOA-regisseur wordt er een actieplan opgemaakt om de tekortkomingen te verbeteren.

Hoofdstuk 6: Handhaving
Artikel 23

Als na het toezicht wordt vastgesteld dat de BOA-organisator de voorwaarden tot erkenning niet naleeft en er ook geen verbetering wordt vastgesteld; of als de BOA-organisator het toezicht verhindert, maant het lokaal bestuur de BOA-organisator schriftelijk aan. Die aanmaning vermeldt een termijn waarin de BOA-organisator moet voldoen aan de niet-nageleefde bepalingen of aan de vereisten van het toezicht, en kan specifieke voorwaarden bevatten om te voldoen aan de niet-nageleefde bepalingen.

Artikel 24

Na het verlopen van deze termijn kan het lokaal bestuur de erkenning opheffen als de BOA-organisator:

    1. De voorwaarden tot erkenning nog steeds niet naleeft of niet voldoende kan aantonen dat ze nageleefd worden
    2. Het toezicht verhindert.

Artikel 25

Voor de erkenning wordt ingetrokken, zal het lokaal bestuur eerst aan de BOA-organisator laten weten dat het van plan is die beslissing te nemen per aangetekende brief.
Zo krijgt de BOA-organisator de kans om te reageren en gebruik te maken van haar hoorrecht, dit kan zowel mondeling als schriftelijk uitgeoefend worden.
Bij dringende noodzakelijkheid (bv: wanneer de veiligheid van de kinderen niet meer gegarandeerd is) mag het lokaal bestuur de erkenning meteen intrekken, zonder de BOA-organisator eerst te verwittigen.

Artikel 26

De BOA-organisator kan uiterlijk dertig dagen na de kennisgeving van het voornemen tot beslissing van de opheffing van de erkenning bij het lokaal bestuur bezwaar aantekenen met een aangetekende brief.
De termijn van dertig dagen, vermeld in het eerste lid, gaat in vanaf de derde werkdag die volgt op de dag waarop het lokaal bestuur de beslissing met een aangetekende brief aan de postdiensten overhandigd heeft, tenzij de geadresseerde het tegendeel bewijst.
De aangetekende brief, vermeld in het eerste lid, bevat minstens al de volgende gegevens:

    • De naam en het ondernemingsnummer van de BOA-organisator;
    • De motivering van het bezwaar;
    • De datum en de handtekening van de BOA-organisator.

Artikel 27

Het lokaal bestuur stuurt een elektronische ontvangstmelding en beslist over de ontvankelijkheid van het bezwaar uiterlijk tien dagen na de datum van de ontvangst van het bezwaar.

Artikel 28

Het bezwaar is ontvankelijk als het bezwaar aan al de volgende voorwaarden voldoet:

    1. Het is tijdig en aangetekend aan het lokaal bestuur bezorgd;
    2. Het bevat de gevraagde gegevens, vermeld in artikel 26, derde lid.

Artikel 29

Het bezwaar wordt ten gronde behandeld door het lokaal bestuur.

Artikel 30

Het bezwaar schorst de uitvoering van de beslissing, tenzij de beslissing bij dringende noodzakelijkheid is genomen.

Artikel 2 - Maakt dit besluit bekend conform de bepalingen in het Decreet over het lokaal bestuur.